rups.jpg

Beginnen met leidinggeven is best spannend, toch?

Wanneer je begint met leidinggeven maak je de overstap van volgen naar actief (bege)leiden. Vóórdat je de overstap maakt, wanneer je nog bezig bent je te oriënteren om de nieuwe baan te bemachtigen, is alles nog bij het oude. Je hebt nog de functie die je kent, je weet wat je moet doen, wat er van je verwacht wordt. Het dagelijkse patroon is bekend. Dan is het zover: je krijgt de nieuwe baan. Yes, wat een blijdschap. Eindelijk heb je de baan die je graag wilt. Kun je laten zien wat je kan. Je gaat afbouwen in je nieuwe baan en dan komt het moment van de eerste nieuwe werkdag. Je bent de leidinggevende, de manager van een team. Wat ga je doen? Het bekende en vertrouwde is er niet meer. Het is nieuw, je dag ziet er anders uit. Er ligt geen werk op je te wachten, geen opdrachten die je af hebt te maken. Je hebt een vrijwel  blanco agenda voor je neus. Van een vakbekwame, competente medewerker, ben je ineens weer een ‘beginneling’. Want leidinggeven is nieuw. Je weet nog niet precies wat je wel en niet moet doen. Ineens merk je dat het best spannend is.

Ik weet nog goed mijn eerste baan als leidinggevende in 1996 bij een verzekeringsmaatschappij. Hartstikke trots en blij met m’n benoeming natuurlijk. Pas op m’n eerste dag  in de nieuwe job voel ik de spanning van het nieuwe, het onbekende.  Eh, hoe ga ik dit nu eigenlijk doen met mijn dubbele handicap? Geen leidinggevende ervaring én geen verstand van verzekeren. Een van mijn eerste ervaringen is direct al heel bijzonder. Een managers meeting van de hele organisatie, een strategiedag. De algemeen directeur opent de vergadering. We gaan aan de hand van een aantal onderwerpen in kleine groepen overleggen hoe we de dingen het beste aan kunnen pakken. Voor mij is alles nieuw, dus ik luister met bewondering naar de (vooral) ervaren mannen.  Ik stel veel vragen om dingen duidelijk te krijgen. In het begin van de ochtend wordt aangegeven dat één persoon van iedere groep ’s middags kort de uitkomst per groep presenteert. De nieuwe managers, er waren er meer, hoeven dit niet te doen. Pfff, gelukkig maar, denk ik nog. Het is al spannend genoeg zo’n eerste dag in dit gezelschap. Het bezig zijn in groepjes, horen wat er speelt, vragen stellen en steeds beter begrijpen hoe dingen in elkaar zitten. Ik vind het allemaal prachtig. Tot het moment aan het eind van de ochtend. De directeur vertelt dat we gaan lunchen én dat ze het plan hebben gewijzigd. Het lijkt hun, bij nader inzien, een goed idee  de nieuwe managers te laten presenteren. Een mooi moment om jezelf te laten zien. Slik, oké dan. De lunch smaakt me niet meer. Sterker nog, ik krijg bijna geen hap door mijn keel. Alsof er letterlijk een blokkade is ontstaan. Heel bijzonder hoe één zo’n opmerking de situatie kan veranderen. Op het ene moment is de dag nog leuk  en ópeens ziet de wereld er (voor mij) heel anders uit. Wanneer ik nog even naar het toilet ga,voordat we weer beginnen denk ik: ik blijf gewoon hier zitten, ze bekijken het maar. Gelukkig neemt mijn lijf het over. Die gaat weer naar buiten en beweegt zich in de richting van de zaal. Ik ben als eerste aan de beurt om het verhaal uit mijn groep  te vertellen. Met rode wangen van de (in)spanning doe ik het verhaal. Opgelucht en met een diepe zucht ga ik na afloop weer zitten. Het beeld dat me altijd bij zal blijven is de opgestoken duim van de commercieel directeur.

Spannende momenten in een nieuwe baan als leidinggevende. Ik ben heel benieuwd naar ervaringen van anderen en hoor ze graag.

 

Laat wat van je horen

*

*
= 4 + 2